RFO Geschiedenis 2013

Osmo Vänskä dirigeert een 'orgie van meerstemmigheid'

De NTR ZaterdagMatinee van 12 januari 2013 zou worden gedirigeerd door Honorary Guest Conductor Jaap van Zweden, maar door logistieke problemen bij zijn Dallas Symphony Orchestra moest hij verstek laten gaan. Tot vreugde van de Matinee-organisatie was de Finse dirigent Osmo Vänskä te elfder ure bereid gevonden om het programma ongewijzigd over te nemen. En dat betekende nogal wat, want behalve het Vioolconcert van Brahms met Christian Tetzlaff als solist en Bachs Ricercata uit Die Kunst der Fuge in de orkestratie van Anton Webern stond de zelden uitgevoerde, uiterst complexe Zevende Symfonie van Karl Amadeus Hartmann geprogrammeerd. Deze 'orgie van meerstemmigheid' werd door de componist zelf beschouwd als het meest persoonlijke dat hij ooit schreef.

 

 

Op de website Opusklassiek.nl roemde recensent Maarten Brandt in de eerste plaats de programmering van de drie werken: “een voorbeeldige spanningsboog, waarvan de energie zich op niet mis te verstane wijze na de pauze ontlaadde in Hartmanns Zevende symfonie, een van de meest belangrijke symfonische scheppingen van Duitse bodem uit de tweede helft van de 20ste eeuw.” De uitvoering onder leiding van de invallende Vänskä kwalificeerde hij vervolgens als overrompelend en tegelijkertijd hyperverfijnd. “Waarbij valt te bedenken dat het de eerste maal was dat de symfonie bij dit ensemble op de lessenaars lag en dat het tevens de eerste keer was dat Vänskä deze - zeer ten onrechte - hoogst zelden te horen symfonie dirigeerde. Dat laatste viel aan het resultaat absoluut niet af te horen en als er al iets opnieuw duidelijk werd, was het wel dat dit orkest en het Koninklijk Concertgebouworkest tot de beste symfonische keurtroepen ter wereld behoren. Elke noot van Hartmanns extreem gelaagde partituur was doorleefd en alles klonk alsof deze materie al sedert jaar en dag tot het vaste repertoire van zowel orkest als dirigent behoorde.”


Vladimir Jurowski dirigeert Die Frau ohne Schatten

Op de NTR ZaterdagMatinee van 16 februari 2013 klonk een uitvoering van Richard Strauss' opera Die Frau ohne Schatten. Het Radio Filharmonisch Orkest, Groot Omroepkoor en Nationaal Kinderkoor stonden onder leiding van Vladimir Jurowski, die dezelfde opera een seizoen later bij de Met in New York zou leiden en daarom bereid werd gevonden het werk alvast in Amsterdam te dirigeren. Onder de vele vocale solisten bevonden zich de sopranen Anne Schwanewilms en Christine Goerke, mezzosopraan Jane Henschel en de basbariton John Reuter.

 

Het libretto voor deze opera werd geschreven door Hugo von Hofmannstal en staat bol van Goetheaanse poëzie. Centraal staat een keizerin zonder schaduw, als symbool voor haar kinderloosheid. De opera lijkt een esoterisch pleidooi voor de voortplanting, inclusief kinderkoor dat de ongeborenen verklankt. Vanwege dit bovenaardse aspect voegde Strauss in de derde akte aan de toch al enorme orkestbezetting een glasharmonica toe, die in deze uitvoering werd bespeeld door Thoman Bloch met authentiek instrument.

 

 

Volgens NRC-recensent Floris Don was het een overdonderende uitvoering: “Ontzagwekkend is de hectische orkestpartij, een maalstroom van verlangens en vertwijfeling. Zie maar vlot te schakelen tussen kwinkelerende sprookjessfeer en ijselijke orkesterupties. Jurowski hield de monstergolven in bedwang met behoud van maximaal drama. Hij volgde de zangers zorvuldig en gaf het Radio Filharmonisch Orkest alle ruimte om te zinderen.” De recensent kon het niet nalaten om zijn artikel af te sluiten met de mededeling dat de concertante operaserie van de ZaterdagMatinee ondanks de bezuinigingen op het MCO ongeschonden zou blijven: “Het zijn dure producties – met goede reden.”

 

Luister 10 voor Ketting-cd

Op het label Attacca verscheen een cd met twee werken van de in december 2012, op 77-jarige leeftijd overleden componist Otto Ketting. Het betrof opnamen van zijn Kammersymphonie, uitgevoerd door Asko|Schönberg onder leiding van Reinbert de Leeuw (Concertgebouw, 3 maart 2010) en zijn Zesde symfonie, waarvan de wereldpremière werd gegeven door het Radio Filharmonisch Orkest onder leiding van James Gaffigan in de NTR ZaterdagMatinee (Concertgebouw, 4 februari 2012). In de maart/april-editie 2013 van het magazine Luister werd deze cd met een 10 onderscheiden.

 

In de cd-rubriek schreef recensent Emanuel Overbeeke: “Deze cd bevat twee van Kettings laatste werken. En ook twee van zijn beste. […] De Kammersymphonie is één lange weemoedige monoloog die het moet hebben van subtiele variaties in een donker spectrum. De Zesde symfonie is een lange aanloop tot een briljante explosie. Beide stukken worden subliem uitgevoerd en zijn een sublieme afsluiting van een al even subliem oeuvre.
”

 

Actueel 'In Memoriam Dutilleux'

Kort voordat Henri Dutilleux (1916 - 2013) overleed, heeft hij nog de NTR-brochure van de ZaterdagMatinee 2013-2014 gelezen met de rode draad: “Hommage aan Dutilleux”. Hij was ermee ingenomen. Zijn overlijdensbericht bereikte Amsterdam vóór het Matineeconcert van 25 mei 2013, waarop zijn compositie Timbres, espace, mouvement ou ‘La nuit étoilée’ uit 1978 gepland stond. In plaats van een opmaat tot het nieuwe seizoen, fungeerde het nu als een In Memoriam. Frederike Berntsen schreef in de NRC: “Bij Dutilleux’ stuk, geïnspireerd door Van Goghs Sterrennacht, bloeide een zinderende fantasiewereld open met sprietige accenten en lome wendingen. En wat een enerverende cello’s. De uitvoering door Susanna Mälkki zou hem zeker bevallen hebben. De Finse heeft een elegante manier van bewegen, sierlijk, maar ze weet exact wat ze wil. En de combinatie met het Radio Filharmonisch Orkest is een goede, de lenige benadering van de muziek komt van twee kanten”.

 

In het NTR-seizoen 2013-2014 stonden zeven werken van de Fransman Dutilleux centraal: het RFO voerde Correspondances (2003) uit o.l.v. Jaap van Zweden, het celloconcert Tout un monde lointain (1970) RFO met Alban Gerhardt en Markus Stenz, de Eerste symfonie (1951) o.l.v. Kazushi Ono, Métaboles (1964) met Stéphane Denève, de Tweede symfonie ‘Le Double’ (1959) o.l.v. Otto Tausk, en met Jukka-Pekka Saraste The shadows of time (1997). Het Rotterdams Phil speelde o.l.v. Valery Gergiev met Benjamin Schmid het vioolconcert L’arbre des songes (1985).


Michel Khalifa schreef in de NTR-seizoenbrochure o.m.: ”In eigen land liet erkenning lang op zich wachten, mede omdat hij weigerde zich te onderwerpen aan de dominante ideologie van het serialisme, die zijn landgenoot Pierre Boulez propageerde. Gelukkig trok Dutilleux al op jonge leeftijd de aandacht van dirigenten als Igor Markevitch en Paul Sacher; dankzij hen kreeg hij in Europa voet aan de grond. Markevitch stelde hem in 1961 voor aan Mstislav Rostropovitsj, die direct een celloconcert bij hem bestelde. Sacher nam hem, na Bartók en Martinu, op in de selecte groep componisten die hij artistiek en financieel ondersteunde”.

 

Jean Fournet voerde met het RFO ook Dutilleux’ composities uit: de Eerste symfonie in 1958, 1968 en 1974, de Tweede symfonie in 1963 en 1972, Métaboles in 1968 en met Frédèric Lodéon het celloconcert in 1978 en 1984. In zijn dagboek noteerde hij in 1972: ”Ik ga de Tweede symfonie hoe langer hoe meer waarderen als een groot authentiek werk, dat de grootste eer bewijst aan de ware, echte Franse muziek van deze eeuw. Dutilleux is een musicus, die – terwijl hij een actuele taal spreekt – de grote traditie volgt, naar mijn mening onder invloed van Fauré, Ravel en Messiaen.”


 

 

Klassieker in wording: The Gospel according to the Other Mary

John Adams' The Gospel according to the Other Mary beleefde zaterdag 8 juni zijn Nederlandse première, uitgevoerd door Radio Filharmonisch Orkest, Groot Omroepkoor en vocale solisten onder leiding van Markus Stenz. Het lijdensverhaal van Christus is in dit oratorium weergegeven vanuit Maria Magdalena, haar zus Martha en hun broer Lazarus. Librettoschrijver Peter Sellars verwerkte eigentijdse elementen in het verhaal. De uitvoering in het Amsterdamse Concertgebouw, in de serie van de NTR ZaterdagMatinee en in het kader van het Holland Festival, maakte diepe indruk op pers en publiek. Na afloop bleef het lange tijd stil. Daarna barstte het publiek los in applaus.

 

Voor Telegraaf-recensent Eddie Vetter had het werk best een kwartiertje korter mogen duren, maar: “Voor het grootste deel zit je ademloos te luisteren naar de geweldige verrichtingen van het Radio Filharmonisch Orkest, het Groot Omroepkoor, Kelley O'Connor (Maria), Elizabeth DeShong (Martha), de boomlange tenor Zach Borichevsky (Lazarus) en de drie countertenoren. Is dit niet een prachtig alternatief voor de jaarlijkse passie-uitvoeringen van het Concertgebouworkest?”.

 

Robbert van Heuven (Trouw) vergeleek The Gospel met de eerdere Adams/Sellars-samenwerking in El Niño en spreekt van een oprecht 'eerbetoon' aan Bach. “Het is meteen duidelijk in het stormachtige beginkoor dat Adams hier de opruiende volkskoren, de turbae, uit Bachs passies in herinnering roept. Het Groot Omroepkoor zong hier en elders met grote inzet en precisie.” Ook het orkest krijgt een pluim: “Adams' geweldige muziek werd ijzersterk gespeeld door het Radio Filharmonisch Orkest onder de zeer alerte chef-dirigent Markus Stenz. Magnifiek de glisserende contrabassen en celli bij het uit de dood herrijzen van Lazarus, of de virtuoze solo voor basklarinet even daarvóór... Het was weer eens een echte ZaterdagMatinee, een magnifieke middag, met de onmiskenbare kuif van Sellars prominent zichtbaar op het frontbalkon.”

 

In de Volkskrant van donderdag 27 juni 2013 maakten Robert van Gijssel en Hein Janssen een analyse van het Holland Festival 2013. Zij bestempelden deze editie als uitermate wisselvallig en weinig opwindend. “De muzikale tak van het Festival viel dit jaar over het algemeen tegen. Er was niet één productie die over de volle breedte juichend werd ontvangen. Eén muziekproductie maakte wel een onvergetelijke indruk, het Evangelie Volgens John Adams van componist John Adams, dat volgens velen kan worden gezien als een klassieker in wording.”


 

Afscheid van vierentwintig RFO musici

De afsluiting van het seizoen 2012/'13 markeerde tevens het einde van een belangrijke periode uit de geschiedenis van het Radio Filharmonisch Orkest. De forse aan het MCO opgelegde bezuinigingen hadden niet alleen een grote impact op het RFO als collectief, maar ook op de individuele musici. In de eerste maanden van 2013 werden de contouren voor de ingrijpende veranderingen pijnlijk zichtbaar. Van vierentwintig collega's moest afscheid worden genomen. Zij dienden plaats te maken voor een vergelijkbaar aantal collega's, die uit de op te heffen Radio Kamer Filharmonie zouden instromen. De onvermijdelijke vraag drong zich op hoe snel uit deze feitelijke orkestenfusie weer een muzikale eenheid zou kunnen ontstaan.

 

Slechts vier RFO-musici, Karina Korevaar, Petr Muratov, Martina Forni en Peter Janosi, hadden na een succesvol proefspel een gelukkig heenkomen naar een ander orkest kunnen vinden. Twintig anderen maakten, hetzij noodgedwongen, hetzij min of meer vrijwillig, gebruik van de vertrekregeling met een sobere ontslagvergoeding: Mitcho Dimitrov, Natalia Gubinia, Robbert Honorits, Jill Bernstein, Odilia Fiedler, Nienke Teuben, Conny de Dreu, Ben Joles, Arturo Muruzabal, Wim Hülsmann, Thies Roorda, Maarten Dekkers, Harmen de Boer, Nanette Bakker, Anneke Vreugdenhil, Rik Knarren, Peter Saunders, Maarten Smit, Henk de Vlieger en Harry van Meurs. Van de blijvers moesten sommigen voortaan genoegen nemen met een part-time dienstbetrekking of een lager gekwalificeerde functie.

 

Op 13 juni 2013 kwamen de RFO musici met hun partners bijeen in het Hilversumse Theater Gooiland om gezamenlijk terug te blikken op de afgelopen jaren. Speciale aandacht ging daarbij uit naar hen die het orkest gingen verlaten. Als tastbaar aandenken aan dit afscheid ontving iedereen die verbonden was aan het orkest het fotoboek RFO 20052013, samengesteld en vormgegeven door violiste Esther de Bruijn en de dvd Coda, samengesteld door oud-hoboïst Robert Tempelaar.

 

Het concert waarin slagwerker Henk de Vlieger afzwaaide vond plaats op 30 juni 2013 in de serie Robeco SummerNights in het Amsterdamse Concertgebouw. Door een gelukkig toeval vermeldde het programma juist een van de Wagner-bewerkingen die hij vele jaren eerder in opdracht van het RFO maakte: The Ring, an orchestral adventure. De dirigent was Mark Wigglesworth en voor de pauze klonk het Dubbelconcert van Johannes Brahms met Liza Ferschtman en Nicolas Altstaedt als solisten.

 

Een te groot aantal musici nam tenslotte afscheid van het RFO op 6 juli 2013. In het Amsterdamse Concertgebouw speelden zij eerst Mozarts Pianoconcert nr. 20 KV 466, met als solist Lucas Jussen. Na de pauze dirigeerde Eliahu Inbal het werk waarmee Anton Bruckner afscheid van de wereld nam: zijn Negende Symfonie. Dat het voor velen een bewogen avond werd, behoeft geen betoog. Het concert, dat eveneens onderdeel was van de Robeco serie, werd rechtstreeks uitgezonden door de TROS op Radio 4.


Een verbouwd RFO van start in een nieuwe Stichting

Per 1 augustus 2013 hield het Muziekcentrum van de Omroep op te bestaan. De Radio Kamerfilharmonie was opgeheven, de unieke Muziekbibliotheek gesloten en voor het afgeslankte Metropole Orkest was nog enig perspectief gecreëerd. Van de ca. 200 musici die deel uitmaakten van het RFO en de RKF waren er ca. 120 (deels in parttime functies) teruggekeerd in het nieuw geformeerde RFO, dat met het GOK was ondergebracht in de nieuwe Stichting Omroep Muziek, kortweg SOM. Onder deze stichting vielen nu ook de afdelingen die de programmering en productie van de concertseries van de publieke omroep verzorgen: de NTR ZaterdagMatinee, het AVROTROS Vrijdagconcert en Het Zondagochtend Concert. Verder werd de SOM eigenaar van het gebouw aan de Heuvellaan 33 te Hilversum, dat nog wel de naam Muziekcentrum van de Omroep bleef dragen. Stan Paardekooper werd de nieuwe directeur van de SOM. Wouter den Hond werd zakelijk manager van het RFO en het GOK. De artistieke leiding van beide ensembles kwam in handen van Kees Vlaardingerbroek, programmeur van de NTR ZaterdagMatinee.

 

Kon het RFO zich decennia lang beroemen op een homogene klankcultuur, de toekomst moest nu uitwijzen of, en hoe snel het gefuseerde orkest die muzikale eenheid kon herstellen. Markus Stenz zei hierover: Das neuorganisierte RFO muss sich jetzt als zukunftsfähig erweisen. Ich habe vollstes Vertrauen in die Qualität des Musizierens. Und die Art und Weise wie auch in den extrem angespannten vergangenen Monaten mit Hingabe gespielt wurde ist für mich das beste Zeichen, dass aus der Kraft die das Orchester in der Krise zeigt der Funke kommen wird, der das RFO als Impulsgeber und höchsten Ansprüchen genügendes Orchester im holländischen Musikleben wieder neu fest verankern wird. Dafür wünsche ich uns allen Glück!


De nieuwe RFO-formatie liet onder leiding van de chef-dirigent voor het eerst van zich horen in Amsterdam, op zondag 25 augustus 2013. Het concert in de Robeco SummerNights opende in een mysterieus verduisterde Grote Zaal van het Concertgebouw met The Unanswered Question van Charles Ives, waar Hans van Loenen zijn trompetsolo liet klinken vanaf een hoekje van het balkon. Vervolgens was Ronald Brautigam solist in het Pianoconcert in D van Joseph Haydn en na de pauze klonk de Vijfde Symfonie van Gustav Mahler.

 

James Gaffigan vaste gastdirigent tot zomer 2018

Dinsdag 17 december 2013 tekende James Gaffigan voor de verlenging van zijn contract als vaste gastdirigent tot einde seizoen 2017-2018. Het Radio Filharmonisch Orkest betoonde zich verheugd dat het de Amerikaan, die al sinds augustus 2011 vaste gastdirigent van het orkest was, voor zo'n lange tijd aan zich heeft kunnen binden. Enthousiast was de respons op zijn optredens tot nu toe, waarbij hij niet alleen het grote negentiende- en twintigste-eeuwse repertoire dirigeerde, maar ook hedendaagse en Nederlandse werken. Zo dirigeerde hij bij zijn allereerste optreden, op 11 april 2009 in de NTR ZaterdagMatinee, het Radio Filharmonisch Orkest in de wereldpremière van Richard Rijnvos’ Union Square Dance. In de nabije toekomst zou hij onder meer de opera's Rusalka en Rigoletto voor zijn rekening nemen en de laatste hand leggen aan de cd-opnamen van de zeven symfonieën van Serge Prokofiev.

 

Verder naar 2014    Terug naar het overzicht